
Verwaarlozingsspook bedreigt ook Haringvlietsluizen
Algemeen 376 keer gelezenGOEREE-OVERFLAKKEE - ‘Veerkrachtig erfgoed’ vormde het thema van 40 jaar Open Monumentendag. Erfgoed, dat mooi toont hoe de veerkrachtige mens rampspoed overleeft en vecht om herhaling te voorkomen. Kort na 1953 startte Rijkswaterstaat met de bouw van het huidige ‘Rijksmonument Haringvlietsluizen’, dat ons ook nu nog beschermt tegen een nieuwe watersnoodramp. Maar niet mooi, terwijl de bezoekers zich zaterdag vergaapten aan het prestigieuze waterbouwkundige project, inclusief geheime atoombunker, waarschuwde beheerder Niels Kuiken: het verwaarlozingsspook ligt op de loer…
Door Gideon van Aartsen
We moeten ons ernstig zorgen maken om de structurele verwaarlozing van de Haringvlietsluizen, die al twintig jaar (!) aan de gang is. Verderop in dit artikel legt Niels Kuiken van Rijkswaterstaat - hij beheert de Haringvlietsluizen - uit wat er precies mis is en hoe hij moet vechten om ‘zijn’ sluizen te beschermen.
Maar we beginnen positief. Eén keer per jaar, in het kader van Open Monumentendag, opent Rijkswaterstaat de hermetisch gesloten hekken van het Haringvlietplein voor het publiek. Nou ja, hermetisch gesloten… Buitenlandse delegaties, scholen of universiteiten komen regelmatig op afspraak langs om iets te leren over de Deltawerken, waarvan de Haringvlietsluizen deel uitmaken. Niels Kuiken leidt hen graag rond. Tijdens Open Monumentendag is echt iedereen welkom. We nemen u mee naar afgelopen zaterdag, het was weer even feest.
Betonvlechter Jaap Westdijk
Klokslag 10.00 uur stroomt het tentoonstellingszaaltje van het Rijkswaterstaatgebouw op het Haringvlietplein vol. Ina Konterman, districtshoofd Rijkswaterstaat, heet het allereerste groepje bezoekers monter welkom. In het bijzonder Ward Meijroos, wethouder financiën, organisatie, cultuur & erfgoed én de 86-jarige Jaap Westdijk uit Stellendam. Hij bouwde als jongeling mee aan de Haringvlietsluizen.
Zowel Konterman als Meijroos bedanken Westdijk nadrukkelijk: “Mede dankzij uw handen worden wij dag en nacht beschermd tegen de zee!” Luid applaus voor de glunderende oud-betonvlechter uit Stellendam, die ons later op de dag, weer thuis in Verpleeghuis Het Spectrum, nog even vertelde: “Ik genoot ervan vanochtend. In mijn hoofd was ik weer een momentje terug op het werkeiland in 1960, als twintigjarige knaap sleep ik staven wapeningsijzer van 50 millimeter blank voor het stomplassen. Gevaarlijk werk, er waren toen nog geen veiligheidssteigers. We liepen over houten plankjes op de ijzerstangen, die uit het beton omhoog staken. Er viel wel eens een vent naar beneden, zo op of tussen die stangen in het beton. Wonderlijk, dat er tijdens die kolossale klus toch niet echt fatale ongelukken zijn gebeurd.”
Tijdens haar speech houdt Konterman, niet zonder trots, het Rijksmonument-schildje omhoog, in 2016 uitgereikt aan de Haringvlietsluizen: “Wij dragen de verantwoordelijkheid deze bijzondere werken goed te onderhouden en door te geven aan toekomstige generaties.” Ook legt ze uit: “Waar de Oosterscheldekering en Maeslantkering alleen in beweging komen bij dreiging van extreem hoog water, vormen de zeventien spuigaten van de Haringvlietsluizen de ‘Kraan van Europa’. Dagelijks in beweging om bij eb het water van de Rijn en Maas vanuit het Haringvliet af te voeren. Bij vloed worden ze dichtgedraaid om het zeewater te keren. Ook met de natuur is rekening gehouden. Er waren al nauwe ‘visriolen’ voor trekvissen. Sinds 2018 staan de sluizen onder bepaalde omstandigheden nu ook op een kier om nog veel meer zalm, steur en zeeforel door te laten.”
Meer dan een monument
Kort voordat hij de Open Monumentendag officieel van start laat gaan - met een symbolische druk op een knop van een voormalige ‘bedieningslessenaar’ van de zeventien sluizen - benadrukt wethouder Meijroos nog maar eens dat het monument Haringvlietsluizen geen architectonisch overblijfsel uit vervlogen tijden is, maar een actieve stormvloedkering, die ons - zeker nu de zeewaterspiegel stijgt - blijvend moet beschermen tegen situaties als de watersnoodramp van ‘53. Hij belooft als wethouder zijn stinkende best te doen voor het behoud en onderhoud van de sluizen.
Hierna neemt Niels Kuiken het aanwezige gezelschap mee op sleeptouw. Eerst even wat tekst en uitleg in de tentoonstellingsruimte met fotopanelen, een maquette en – nu alle sluizen computergestuurd worden bediend - twee eerdere generaties bedieningstafels met druk- en draaiknoppen, de oudste nog beroerd door koningin Juliana op 15 november 1971, tijdens de officiële opening van de Haringvlietsluizen.
En dan vervolgens in een stoet naar buiten. Midden op het grasveld, een opengeslagen stalen plaat: een steile trap daalt af naar de geheime, ondergrondse atoombunker. Niels: “Alleen toegankelijk voor de sluiswachters en hun familie, want na het vallen van de bom moesten zij overleven om de sluizen werkend te houden.” Fijntjes merkt Niels ook op: “Ze moesten dan wel heen en weer naar buiten, omdat de sluizen niet van binnenuit de bunker konden worden bediend…”
Bedreigd
Natuurlijk neemt Kuiken zijn publieksgasten en de wethouder ook mee naar de sluizen zelf. Onder de Haringvlietdam en de N57 ligt een één kilometer lang gebouwencomplex, de behuizing van de zeventien sluizen. Een lange, donkere tunnelgang, door het personeel met de fiets bereden, biedt via smalle, steile, stalen trappen toegang tot de machinekamers van de sluizen. Terwijl de bezoekers door de nauwe gang wandelen en zich vergapen aan de techniek, wil Niels, buiten op de talud bij de sluizen, toch ook nog iets belangrijks kwijt. Want de Haringvlietsluizen worden, net als vele bruggen en andere infrastructuur in Nederland, ernstig bedreigd door het verwaarlozingsspook: “Al twintig jaar krijgen wij van de overheid veel minder geld dan nodig voor het onderhoud van de Haringvlietsluizen. Ze hebben in Den Haag heel vaak gezegd: “Het kan wel wat minder, er gaat toch niks mis.” Maar we hebben het hier wel over een winkel die dag en nacht in bedrijf is en open moet blijven: zeventien maal twee stalen schuiven, dat zijn 34 schuiven van 56 meter, 550 ton zwaar met zeventien maal vier hydraulische cilinders. Twintig jaar lang moest ik keuzes maken, alleen het allerbelangrijkste onderhoud plegen en andere zaken verwaarlozen.
Nu is de rek eruit. Laatst had ik minister Karremans hier. Ik drukte hem op het hart: “Ik heb dringend 200 miljoen nodig om de schuiven te conserveren. Krijg ik dat geld niet, dan heb ik straks één miljard extra nodig, omdat de schuiven niet meer kunnen bewegen en ik nieuwe moet kopen. Het is een Rijksmonument met geklonken stalen schuiven. Dus ik wil wel geklonken stalen schuiven terug.” Met die boodschap stuurde ik hem terug naar het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.”
