De hal van de Beroepscampus.
De hal van de Beroepscampus.

Raad kritisch op miljoenen voor Beroepscampus

Algemeen 142 keer gelezen

SOMMELSDIJK - De uitbreiding van de RGO Beroepscampus gaat naar verwachting bijna 13,5 miljoen euro kosten. De gemeenteraad onderschrijft het belang van de school, maar stelde donderdagavond kritische vragen over de fors hogere bouwkosten, de nog onzekere stroomvoorziening en de financiering van leerlingen van buiten het eiland. Ook bleek 650.000 euro voor de eerste inrichting niet afzonderlijk in de beslispunten te staan. Het college past het raadsvoorstel daarom aan.

Door Ben Hameeteman

De raad beslist komende donderdag 17 september over het uitvoeringsbudget. De Beroepscampus krijgt ongeveer 2.600 vierkante meter extra ruimte met praktijk- en theorielokalen, kantoren, personeelsruimte en een multifunctionele aula. De bouw moet voor de zomer van 2027 beginnen. Een jaar later moeten de nieuwe ruimtes in gebruik worden genomen.

Van 9 naar 13,5 miljoen

Vooral de kosten trokken de aandacht. In de begroting van 2025 stond 9 miljoen euro. Een haalbaarheidsstudie kwam vorig jaar uit op 13,7 miljoen. De actuele prognose ligt net onder 13,5 miljoen euro.
Stan van Heemst (ChristenUnie) wilde weten welk deel van de stijging voortkomt uit hogere bouwprijzen en of de RGO tussentijds extra wensen heeft toegevoegd. Volgens de projectleiding is juist het tegenovergestelde gebeurd. Gemeente en school zijn teruggegaan naar wat minimaal nodig is. Uit het ontwerp verdwenen onder meer vier lokalen en een relatief duur, uitstekend bouwdeel. Daarmee werd ongeveer 400 vierkante meter geschrapt.

Normbedrag schiet tekort

Een belangrijk probleem is dat de normbedragen voor onderwijshuisvesting achterblijven bij de werkelijke bouwkosten. De eerste fase van de Beroepscampus kostte rond 2020 ongeveer 2.400 euro per vierkante meter. De actuele berekening komt uit op 4.012 euro.
Petra ’t Hoen (PvdA) noemde dat een structureel probleem. Niet alleen deze uitbreiding, maar ook toekomstige schoolprojecten kunnen de gemeente daardoor miljoenen meer kosten. Zij vroeg hoe andere gemeenten daarmee omgaan en of gebouwen bijvoorbeeld intensiever kunnen worden gebruikt.
Een concrete oplossing heeft de gemeente niet. Langere schooldagen bieden volgens de projectleiding weinig ruimte. De lestijden zijn nu al lang en ook aan de concentratie van leerlingen zitten grenzen.

Fout in raadsvoorstel

Van Heemst ontdekte daarnaast dat de 650.000 euro voor de eerste inrichting niet afzonderlijk in de beslispunten van het raadsvoorstel stond. Anne Karsbergen (CDA) vroeg daarop of de raad dit met een amendement moest herstellen. Vanuit de raad kwam vervolgens de suggestie het college vóór de raadsvergadering een aangepast voorstel te laten vaststellen. Het college nam die suggestie over.
De uitbreiding veroorzaakt volgens de presentatie jaarlijks 169.000 euro extra structurele lasten voor het gebouw en 85.000 euro voor de inrichting. Om die lasten te beperken schrijft de gemeente het gebouw in vijftig in plaats van veertig jaar af. Ook rekent zij na vijftig jaar met een restwaarde van 12,3 procent.

Nog geen garantie op stroom

Karsbergen legde nog een ander risico op tafel: netcongestie. Zij wilde weten of de gemeente straks miljoenen investeert in onderwijsruimte die door onvoldoende stroom niet volledig kan worden gebruikt.
De stroomvoorziening is nog niet definitief geregeld. De gemeente praat met Stedin en De Staver. Een mogelijke oplossing is een groepstransportovereenkomst, waarbij gebruikers beschikbare netcapaciteit delen.
Daarnaast verwacht de gemeente dat capaciteit vrijkomt uit kleinere aansluitingen. Onderwijs krijgt bij de verdeling daarvan prioriteit. De projectleiding hoopt rond de jaarwisseling meer duidelijkheid te hebben.
Karsbergen vroeg of de raad vóór het besluit van 17 september zekerheid krijgt. Het antwoord was duidelijk: die garantie is er volgende week nog niet. De gemeente verwacht desondanks dat het probleem ruim vóór de ingebruikname in de zomer van 2028 is opgelost.

Leerlingen van buiten

Theo van Biert (D66) richtte zich op de leerlingen van buiten Goeree-Overflakkee. Hij wilde weten hoeveel geld de gemeente voor deze leerlingen ontvangt.
Volgens de ambtelijke beantwoording speelt het aantal leerlingen mee in de algemene uitkering van het Rijk, maar is daar niet eenvoudig een bedrag per leerling uit te halen. Leerlingen van buiten zijn tegelijkertijd nodig om voldoende omvang te houden voor alle acht beroepsprofielen.
’t Hoen wees erop dat ongeveer 17 procent van de leerlingen van buiten het eiland komt, vooral van Schouwen-Duiveland. Zij vindt dat de gemeente scherp moet volgen of Goeree-Overflakkee daarvoor voldoende wordt gecompenseerd.
Peter Kieviet (SGP) vroeg vervolgens hoe betrouwbaar de leerlingprognoses zijn. Bestaande leerlingen van buiten worden daarin meegenomen. De gemeente heeft echter geen volledig zicht op toekomstige woningbouw in buurgemeenten. Die kan de instroom later beïnvloeden.

Bewust kleiner gebouwd

Ook de keuze om andere onderwijsgebruikers uit het plan te halen riep vragen op. Ellen Nijssen (GAAN) wilde weten wat het betekent dat Bouwmensen Zuid-West, Lentiz en Prins Maurits geheel of gedeeltelijk buiten de uitbreiding vallen. Zij wees onder meer op toekomstige ruimtebehoefte en mogelijke huurinkomsten.
Bouwmensen zocht ongeveer 1.000 vierkante meter. Dat paste niet op deze locatie, waarna de organisatie besloot zelf verder te zoeken. Ook Lentiz haakte af. Voor Prins Maurits zou extra nieuwbouw nodig zijn. Daarvan zag de gemeente in overleg af.
De projectleiding erkende dat een groter gebouw meer zekerheid voor de toekomst zou bieden. De financiële positie van de gemeente gaf echter de doorslag. Het ontwerp blijft wel flexibel: later kunnen relatief eenvoudig vier lokalen worden toegevoegd.

Rekening wordt beslissend

Onder omwonenden lijkt ondertussen weinig weerstand. Ongeveer honderd adressen kregen een uitnodiging voor een informatieavond. Twaalf omwonenden kwamen. Volgens de gemeente klonken daar geen kritische geluiden.
De noodzaak van extra ruimte lijkt politiek nauwelijks ter discussie te staan. De vragen van Van Heemst, Karsbergen, Van Biert, ’t Hoen, Kieviet en Nijssen laten wel zien waar het debat op 17 september over zal gaan. Niet zozeer óf de Beroepscampus mag uitbreiden, maar tegen welke prijs en met welke risico’s.
De raad moet bijna 13,5 miljoen euro afwegen tegen structureel hogere lasten, onzekerheid over stroom en leerlingprognoses die kunnen veranderen. Daarmee wordt de uitbreiding ook een eerste stevige financiële test voor de raad na het zomerreces.

Uit de krant