
Plinius
Op verjaardagen is klagen over uw huisarts een populaire activiteit. Dat weet ik heus wel. En ik gun het u best. Klagen kan erg opluchten. En huisartsen zijn vreemdsoortige vogels. Toch is het maar goed dat u geboren bent in onze moderne tijd. En niet in de geschiedenis. De geschiedenis was een bijzondere tijd, hoor. Ging je in de geschiedenis naar een arts met hoestklachten, dan moest je een papje van gemalen muis eten of rauwe schapenlongen. Het inademen van geitenlucht werd ook sterk aangeraden. Had je hoofdpijn, dan werd je geadviseerd de hersenen van een uil te eten. Ik vind het een logisch verhaal, maar niemand doet het nog. Bij ontstekingen werden levende kikkers op je lijf vastgebonden en bij keelpijn was het eten van hondenpoep de beste remedie. Een dode kip op je borst binden, kon natuurlijk ook. Gelukkig was de behandeling van koorts heel eigentijds. Je stopte een spin in een doosje en dat droeg je gewoon aan een kettinkje om je hals. Of je vermaalde een regenworm tot een smakelijk drankje. En big-farma maar aan je verdienen.
Een aantal droge wetenschappers is in de negentiende eeuw begonnen met uitzoeken of al die behandelwijzen ook echt effect hadden. Dat hadden ze natuurlijk niet moeten doen. Want inmiddels moeten alle medische adviezen per sé heel saai zijn. Mensen hoeven geen kaars- of ganzenvet meer op te snuiven bij griep en tegen reumatiek zijn levende slangen in je bed tegenwoordig uit den boze. Ik zeg: Saai! Arsenicum en kwik worden allang niet meer ingezet tegen vermoeidheid en bij grote wonden wordt er op je neergekeken als je een rottend konijn adviseert. ‘Mijn huisarts adviseert altijd alleen maar paracetamol,’ hoor je op feestjes. ‘Nooit eens een krachtige slakken-bouillon,’ denk ik dan.
Nee, de wetenschap heeft de geneeskunde voorgoed verpest. Onrustige baby’s mag je geen alcohol meer geven en beschimmeld brood (hielp tegen alles) gooien we nu in de vuilnisbak. Wat moet je dan nog als goedbedoelend huisarts?! Heel soms heb ik wel een patiënt waarbij ik me afvraag of het niet een goed idee zou zijn om het drinken van koeienurine aan te raden. Maar ik doe dat nooit. Ik ben daar veel te modern voor. Ik raad nooit warme paardenmest in je oor aan bij een oorontsteking en nooit natte sokken bij koorts. Ik ben bedorven door die onderzoekers in hun witte jassen. Leefde ik maar in de geschiedenis.