
Oud-Nieuwe-Tongenaar Joost Visbeen schrijft verhalenbundel over zijn werk als rechercheur
GOUDA - Joost Visbeen, geboren in Nieuwe-Tonge, is oud-rechercheur en woont in Gouda. Hij heeft niet alleen naam gemaakt als politieman in de kaasstad, maar ook als schrijver van een tiental misdaadromans. Kort geleden verscheen van hem een verhalenbundel waarvoor hij heeft geput uit zijn rijke ervaring in het recherchewerk.
Tekst en foto: Adri van der Laan
Ter gelegenheid van de uitgave van zijn tiende boek, De tragedie van Dirck Crabeth, mochten we Joost Visbeen in 2020 interviewen. We eindigden het interview met de vraag of er nog een volgende roman zou komen. De toen 83-jarige schrijver gaf aan dat hij hierover nog geen beslissing had genomen. Een roman is het niet geworden, maar onlangs is wel een bundel met rechercheverhalen verschenen van zijn hand, onder de titel ‘Bureau Houtmansgracht’.
We zochten deze oud-Nieuwe-Tongenaar op in zijn flat in Gouda, waar hij vertelt over zijn nieuwste boek en natuurlijk over zijn recherchewerk in Gouda en omstreken. De ondertussen 89-jarige Joost Visbeen legt uit waarom ‘Bureau Houtmansgracht’ in tegenstelling tot zijn eerdere boeken een verhalenbundel is geworden. “Nadat ik mijn vorige boek, De tragedie van Dirck Crabeth, had gepresenteerd, kwam Marianka Peters, redacteur van de Goudse Post, naar me toe met de vraag of ik voor haar krant misschien spraakmakende verhalen kon schrijven.” Visbeen legt uit dat hij het ook wel een leuk idee vond, met als gevolg dat vanaf mei 2020 maandelijks een door hem geschreven verhaal in Het Kontakt/De Goudse Post verscheen. Marianka stelde toen ook voor om die verhalen later te bundelen. Dit idee van de - inmiddels overleden - redacteur heeft vorm gekregen in het nieuwste boek van Joost Visbeen, Bureau Houtmansgracht. Het boek is dan ook opgedragen aan Marianka Peters.
Verhalen
Uit het gesprek met Joost Visbeen blijkt dat hij altijd nog de rechercheur is gebleven. Hij kan nog tal van verhalen vertellen over wat hij heeft meegemaakt en soms kan hij zich nog boos maken over bepaalde zaken die door het Openbaar Ministerie zijn afgesloten en waarbij geen dader bekend werd. Als voorbeeld noemt hij de verdwijning van boerin Alie Spruit. Deze moeder van vijf kinderen reed na een echtelijke ruzie in januari 1988 op de fiets weg van de boerderij in Haastrecht. Van haar is nooit meer iets vernomen. In Bureau Houtmansgracht beschrijft Visbeen in het kort zijn bevindingen en waarom hij vindt dat het onderzoek naar de verdwijning heropend zou moeten worden. Overigens heeft Joost al eens een misdaadroman geschreven over deze zaak onder de titel ‘Het mysterie van de verdwenen boerin’.
Onwetend
Toen Joost Visbeen 60 jaar was, is hij met pensioen gegaan. Vanaf die tijd is hij begonnen met het schrijven van misdaadromans waarin het werk van een rechercheur centraal staat. “Dit heb ik gedaan omdat veel mensen onwetend zijn over wat het recherchewerk inhoudt.” Via zijn boeken wil hij dan ook een kijkje geven in deze bijzondere tak van het politiewerk. Joost schreef tien romans waarbij hij putte uit zijn eigen ervaring als rechercheur. Maar in die boeken, en ook in de verhalenbundel die nu gepresenteerd is, komen ook situaties aan de orde die hij vanaf de zijlijn of zelfs na zijn pensionering nog heeft gevolgd.
Visbeen heeft dertig jaar bij de Goudse recherche gewerkt. Daarnaast werkte hij ook in het Regionale Recherchebijstandsteam Zuidwest-Nederland. Dit team werd ingezet bij zware misdrijven in de regio, waarbij de plaatselijke politie niet over voldoende mankracht of expertise beschikte. Moorden in de buurt van Gouda kwamen hierbij aan de orde, maar ook in Schoonhoven en het Zeeuwse Oostkapelle.
Nieuwe-Tonge
In één verhaal, waarin het gaat over de diefstal van een grote partij sigaretten, komt ook de geboorteplaats van Joost Visbeen voor: Nieuwe-Tonge. Het volledige verhaal van de grote diefstal van de partij sigaretten is te vinden in het hoofdstuk ‘Schaking minderjarige en tachograaf’.
De korte verhalen - waarvan de meeste behoorlijk schokkend zijn - die in ‘Bureau Houtmansgracht’ zijn opgenomen, geven een bijzonder inkijkje in het werk van een rechercheur.
Het boek Bureau Houtmansgracht is uitgegeven door Uitgeverij Klare Taal en is te bestellen via deze uitgever (www.klaretaal.nl) of te koop bij Primera in Middelharnis. ISBN: 978-90-8365-264-1. Prijs: € 22,50.
<Kader>
Geboren Nieuwe-Tongenaar Joost Visbeen
Joost Visbeen is geboren in Nieuwe-Tonge. Adrianus, de broer van zijn opa Joost, stond aan de wieg van het gelijknamige transportbedrijf (nu DLG). Zelf is hij van boerenafkomst, maar in het werken op het land had hij toch niet zoveel zin. Hij verliet Nieuwe-Tonge op zijn achttiende jaar vanwege zijn militaire dienstplicht. Na die tijd heeft hij nauwelijks meer op het eiland gewoond. “Maar ik kom er nog regelmatig, want ik kom uit een gezin van elf kinderen en zij leven allemaal nog. Dus ik kom regelmatig op familiebezoek.”
Als dienstplichtige kwam hij terecht bij de luchtdoelartillerie. Een deel van zijn diensttijd bracht hij door in Kamp De Beer bij Pernis, “waar ik de omgeving moest beschermen tegen de Russen.” Na zijn diensttijd solliciteerde hij bij de marechaussee, werd daar aangenomen en kwam na zijn opleiding terecht bij Brigade Het Loo, waar hij belast werd met de bewaking van Paleis Het Loo.
Na Het Loo werd hij overgeplaatst naar Den Haag, naar de Brigade Laan van Meerdervoort. Daar had zijn brigade meerdere taken, zoals de bewaking van Huis ten Bosch, en verleende hij assistentie bij de militaire rechtbank.
Zijn volgende standplaats was Nijmegen. Daar kreeg hij wat meer politietaken, zoals het begeleiden van het militair verkeer, het afhandelen van aanrijdingen waarbij militairen betrokken waren en het ophalen van jongens die geen gehoor hadden gegeven aan de oproep om zich te melden voor militaire dienst. Het leven als marechaussee was toch niet wat Joost zocht.
Iemand adviseerde hem om te solliciteren naar de functie van politieagent. Niet lang daarna werd zijn grootste wens, rechercheur worden, vervuld. De standplaats werd zijn huidige woonplaats Gouda, toen nog gemeentepolitie. Jarenlang gaf hij leiding aan deze rechercheafdeling.
Dat hij over zijn werk ging schrijven, kwam mede door het advies van eveneens een schrijvende rechercheur: A. P. Baantjer, die bekend is van zijn boeken over rechercheur De Cock. “Baantjer raadde me aan om te gaan schrijven en deze raad heb ik opgevolgd.”

