Vervolgverhaal - De brug naar het eiland (76)

Ik had geen idee dat vrouwen zo lang konden doen over aankleden.’
Rose keek naar haar jongeman, aarzelde, en schonk meneer Booker toen een geforceerd lachje. ‘Nou, ziet u wel? Een onschuldige vergissing.’
Benjamin keek van de een naar de ander, niet overtuigd. Was het een onschuldige vergissing geweest, of opzettelijk bedrog?
Na de ontspanning met Carlota ging Isabelle naar de tuin om een boeket lentebloemen te snijden voor haar zieke pachtster, mevrouw Howton. Rose kwam naar buiten en voegde zich bij haar. Isabelle wierp een blik op haar nichtje en zag haar zorgelijke gezicht. ‘Wat is er?’
Rose trok een onkruidje uit. ‘Hebt u het gehoord? Meneer Booker heeft een brief van de schouwarts gekregen. Oom Percy was vergiftigd. Ze denken door sinaasappelwijn.’
‘Lieve help.’ Isabelles hart begon hard te bonzen en ze legde een hand op haar borst. Was Percival vergiftigd door haar sinaasappelwijn?
Onmogelijk! Ze kneep haar ogen dicht en dacht aan de droom. Er had inderdaad een wijnfles op de vloer gelegen…
Het was maar een droom, hield ze zichzelf voor. Lieve help, hoe was het gebeurd? Wat had ze gedaan?
Rose vertelde vervolgens over haar gesprek met meneer Booker, waaronder het feit dat een van de bedienden gezien had dat zij een fles naar Percy’s kantoor bracht. Ook herhaalde ze de antwoorden van meneer Adair.
Isabelle keek om zich heen of er iemand in de buurt was en zei: ‘Heb je toevallig tegen meneer Booker gezegd dat jij de flessen van hier naar Londen hebt gebracht? Ik geloof dat hij aanneemt dat Percival ze mee had genomen, maar pas toen hij weg was dacht ik eraan om ze aan te bieden.’
Haar nichtje trok nog een onkruidje uit en scheurde blaadjes van de stengel. ‘Nee. Dat leek me niet belangrijk. Had ik het moeten zeggen?’ Ze schudde het van zich af, of deed in elk geval alsof.
Isabelles bezorgdheid om Rose groeide. Ze zette haar mand met de schaar neer, pakte Rose bij de hand en nam haar mee naar een bankje. ‘Je weet dat ik je geen ogenblik verdenk. Maar heb je die twee flessen rechtstreeks hiervandaan naar het huis in Londen gebracht? Of kan iemand anders er onderweg mee geknoeid hebben?’
Rose schudde haar hoofd. ‘Rechtstreeks van hier naar Londen. Toen we stopten om paarden te wisselen, ben ik vlug naar het privaat gegaan, maar Christopher is de hele tijd bij het rijtuig gebleven, dus de wijn is nooit alleen gelaten. Hij las de krant toen ik uitstapte en toen ik terugkwam had hij zich niet bewogen. Ik snap niet dat mannen zo lang kunnen wachten.’
Isabelle dacht na. ‘Zaten de flessen buiten het rijtuig bij de bagage, of in het rijtuig bij jou?’

‘Binnen. Ik was bang dat ze zouden breken door het gehobbel in de bagageruimte.’
‘Verstandig,’ prevelde Isabelle, maar haar gedachten namen een duistere wending.
Meneer Adair was minstens een paar minuten alleen geweest met de flessen.