Ethiek: Hoe verder in Israël?

In het Reformatorisch Dagblad van zaterdag 21 februari 2026 las ik onder andere het volgende bericht. "Die uitgestoken hand is afgehakt", vervolgt Bing. "Daardoor ben ik totaal veranderd. De gebeurtenissen van 7 oktober hebben haat tegen andere mensen in me gebracht. Dat kan ik niet vergeten en zal ik de Gazanen ook nooit vergeven. Voor mij zijn ze lucht. Ik heb ook geen medelijden met ze. Zeker niet als ik me probeer voor te stellen hoe een Palestijnse jongen van dertien een Joodse vrouw verkracht en haar daarna door het hoofd schiet. Dat bewijst dat Hamas een monster is."

Het bericht gaat over de gruwelijke aanslag van Hamas op 7 oktober 2023. Op verschillende kibboetsen in de Negev, in het zuiden van Israël, werden mensen op een buitengewoon wrede manier aangevallen. Het is een gebeurtenis die nog steeds diepe indruk maakt en de gemoederen sterk bezighoudt. Tegelijk is het duidelijk dat Hamas - met steun van onder andere het Iraanse regime - probeert zijn invloed in het Midden-Oosten uit te breiden en Israël zo mogelijk uit te schakelen.

Wanneer we dit citaat rustig lezen, vallen enkele zaken op. In de eerste plaats wordt opnieuw duidelijk hoe aangrijpend deze aanslag is geweest. In de loop van de tijd gebeurt er veel en lezen we voortdurend nieuwe berichten in de media. Toch moeten we niet vergeten dat de huidige situatie in het Midden-Oosten in belangrijke mate is begonnen met de aanval van Hamas op Israël, waarbij ongeveer 1200 mensen werden vermoord en ongeveer 250 mensen werden ontvoerd. Het waren het radicale islamisme en de diepe haat tegen de Joden die deze actie hebben voortgebracht. Natuurlijk kan er daarna veel gezegd worden over de reactie van Israël, en die zal ook niet altijd zonder fouten zijn geweest. Maar de oorsprong van dit geweld ligt bij de aanval van Hamas. Het was een gruwelijke aanslag, bijna te erg voor woorden. Daarbij komt dat Hamas zelf heeft verklaard dat dergelijke aanvallen opnieuw zullen plaatsvinden wanneer zij daartoe de kans krijgen.

In de tweede plaats is het duidelijk dat deze gebeurtenissen in Israël veel hebben losgemaakt. De man die in het citaat aan het woord is, zegt heel eerlijk dat er haat in zijn hart is gekomen tegenover de Gazanen. Dat is ergens ook begrijpelijk. Wanneer vrienden worden vermoord, wanneer familieleden worden getroffen, wanneer mensen diep getraumatiseerd raken door zo’n brute aanslag, roept dat intense emoties op. Tegelijk roept dit ook moeilijke vragen op. Die kunnen we niet eenvoudig wegschuiven met de opmerking dat men maar moet vergeven, of dat de Palestijnen ook rechten hebben. Dat laatste is op zichzelf waar: ook Palestijnen hebben rechten en verdienen rechtvaardigheid. Maar zulke rechten kunnen niet met geweld, moord en terreur worden afgedwongen. Juist daarom bestaat er een internationale rechtsorde. Door de aanslagen van Hamas en andere radicale organisaties is die rechtsorde op grove wijze geschonden. Tegen die achtergrond is de bitterheid en weerzin die bij veel Israëliërs leeft wel te begrijpen.

In de derde plaats blijft echter staan dat haat uiteindelijk geen oplossing is voor het conflict. De huidige omstandigheden voeden de haat alleen maar verder. De grote vraag is daarom hoe er ooit weer een situatie kan ontstaan waarin mensen in dat gebied samen kunnen leven. Dat zal in de eerste plaats een zaak van lange adem zijn. Het zal veel geduld, wijsheid en politieke voorzichtigheid vragen. Vanuit bijbels perspectief weten we bovendien dat er genade nodig is: genade die mensen in staat stelt om verder te kijken dan wraak en vijandschap. Alleen wanneer harten veranderen, kan er werkelijk uitzicht komen op vrede. Op dit moment lijkt dat perspectief nog ver weg. Toch mogen we hopen en bidden dat er tijden komen waarin rust en vrede terugkeren in dit gebied, gebaseerd op rechtvaardige afspraken en wederzijds respect tussen de volkeren. Tegelijk weten christenen dat deze wereld altijd een tranendal zal blijven. Maar de Bijbel spreekt ook over een toekomst waarin het Nieuwe Jeruzalem zal neerdalen uit de hemel. Dat is het grote perspectief van waaruit christenen leven en bidden voor deze wereld.