Column: Tolk

Voor mijn huidige baan werkte ik als begeleider van mensen met een licht verstandelijke beperking. Dat zijn doorgaans mensen die er uiterlijk net zo uitzien als jij en ik. Maar ze hebben moeite om de wereld te begrijpen. Als ik met ze meeging naar een afspraak voelde ik me vaak een tolk. Een belangrijk onderdeel van het werk was om complexe en abstracte zaken te vertalen naar hun belevingswereld. 

Bijvoorbeeld bij de tandarts. Als er werd gevraagd of ze een verdoving wilden voor de behandeling, keken ze soms vertwijfeld. Dan legde ik uit dat je dan een prikje met een naald krijgt, waarna we even moeten wachten. Daarna gaat de tandarts de behandeling doen zonder dat het pijn doet. Soms vroeg ik of de tandarts het spuitje wilde laten zien en wilde aanwijzen waar hij zou gaan prikken. Alles om de handeling zo concreet en tastbaar mogelijk te maken. 

De grootste uitdaging waren de bezoeken aan het ziekenhuis. Artsen gebruiken vaak jargon dat voor henzelf heel vanzelfsprekend is, maar voor de meeste mensen vrij ingewikkeld. Dus voor mensen met een verstandelijke beperking kan het lijken alsof iemand Chinees tegen hen praat. Ze horen het wel, maar begrijpen het niet. Soms vroeg ik of de arts het nog een keer wilde uitleggen zonder moeilijke woorden. Andere keren legde ik na afloop uit wat er was besproken, bijvoorbeeld met een tekening, pictogrammen of een filmpje. 

Martijn de Bonte