
Herdenking Watersnoodramp Stellendam
"Stellendam heeft een groot litteken"
STELLENDAM – Ook de herdenking van de Watersnood in Stellendam was deze keer anders dan vorige jaren vanwege de coronamaatregelen. Normaal gesproken wordt de plechtigheid onder grote belangstelling van oud jong bij het monument aan de Eendrachtsweg gehouden. Dit jaar was de herdenking online en werd uitgezonden vanuit de Hervormde Kerk aan de Bosschieterstraat.
Door Adri van der Laan
Evenals vorige jaren, was ook dit jaar de leiding van de herdenking van de 69 doden die op het grondgebied van de voormalige gemeente Goedereede te betreuren waren, in handen van Petra Moijses.
Normaal gesproken spelen de kinderen bij de herdenking bij het monument een belangrijke rol. Dit was deze keer niet anders want de herdenking werd omlijst door bijdragen van kinderen van de drie basisscholen van het dorp in de vorm van gedichten en tekeningen.
“Herdenken houdt niet op als er een lockdown is”, zo verzekerde Petra Moyses de kijkers en luisteraars, “want ook na 68 jaar is het verdriet dat de ramp met zich meebracht nog niet verwerkt”. Gedenken is volgens haar nog steeds nodig “want het gemis kom je op alle kruispunten in het leven tegen”.
Tijdens de herdenkingsplechtigheid zorgde Jurriën van Kooten voor passend pianospel. Zo speelde hij Gezang 273: ‘Heer herinner u de namen van hen die gestorven zijn…’.
Namens het gemeentebestuur sprak wethouder Tea Both. In haar toespraak stond ze stil bij het ‘litteken’ dat mensen van het dorp en de omgeving met zich meedragen. “Een litteken laat zien dat je het overleeft”. Er was een wond maar velen moesten verder met een groot litteken. “Dit was vooral moeilijk rond 1 februari. Een datum om nooit te vergeten en het monument herinnert hier aan”. Bij dat monument had wethouder Both in de ochtenduren al een bloemenkrans gelegd. Ze waardeerde het zeer dat ieder jaar weer ook de kinderen mee herdenken. Dit vond ze een mooi gebaar richting de ouderen die ramp aan den lijve hebben ervaren.
Niet of te laat
In haar toespraak stond ze stil bij de rampnacht toen van verschillende kanten het water het dorp overspoelde. Ze noemde het werk van de hulpverleners, maar ook stond ze stil bij de mensen die op daken wachten op hulp, “die voor velen niet of te laat kwam”. Ondanks dat er hele gezinnen het leven lieten en Stellendam in diepe rouw gedompeld was, werd de wederopbouw voortvarend aangepakt, “het was een tijd van weinig klagen en gewoon doorgaan”.
Verder waarschuwde zij in haar toespraak ervoor dat, hoewel Zuidwest Nederland door de Deltawerken veiliger is geworden, de kracht van de natuur niet moet worden onderschat.
“Herdenken blijft belangrijk, Samen staan we stil bij het leed dat door de generaties meegedragen wordt. We hopen daarmee toch het verdriet te verzachten”, aldus mevrouw Both. Zij dankte namens het gemeentebestuur allen die aan deze herdenking hebben meegewerkt.
Maurits Leentvaar blies taptoe in de kerk waarna Petra Moyses de namen van de slachtoffers voorlas. Zij deed dit deze keer niet in alfabetische volgorde maar ze noemde nu de gezins- en familieleden. Hierbij had ze hulp gekregen van oud-Stellendammer Teunis Human. Adrie de Goede die tijdens de rampnacht als 19-jarige hulp had verleend, zette bij iedere naam die genoemd werd, een roos in een vaas. Nadat alle namen waren genoemd was er gelegenheid om een moment stilte in acht te nemen.
Jurriën van Kooten sloot de herdenking af met het spelen van ‘Le Tombeau de Couperin’ van Maurice de Ravel.